[ vooraf ]
---
Sponsormisbruik
---
[ verder ]
---
|Column|
Dik Hout

---
Nijmeegse Zaken
---
Kort en bondig
---
[ Braams blik ]
---
Henk Braam kijkt naar Nijmegen
---
[ cartoon ]
---
Klant is koning in café's
---
[ meest gelezen ]
---
Artikel:
Niet de Grotestraat maar de Nonnenstraat
Editie: mei 2009

---
Artikel:
Belg schept het beste ijs van Nijmegen
Editie: juli 2006

---
Artikel:
„Verhuren alleen is niet voldoende, het gaat om mensen”
Editie: 2008

---
Artikel:
Mede mogelijk gemaakt door de kraakbeweging
Editie: 2009

---

--== column ==--
Dik Hout

Triomfantelijk meldde de gemeente vorige maand dat het aantal Nijmegenaren in de bijstand in 2008 opnieuw flink is afgenomen. Om precies te zijn met 246 personen. Een daling van 5,2 procent. Anders gezegd: 1 op de 20 bijstandsgerechtigden is zoals dat wordt genoemd uitgestroomd.

De gemeente prijst zichzelf omdat ze daarmee 2,1 procent beter scoort dan de zogeheten referentiegemeenten en Nijmegen haar doelstellingen voor 2008 al begin oktober haalde.

Een succesverhaal? Wie verder kijkt dan de fraai ogende cijfers ontdekt eerder een triest verhaal. De gemeente zette zich vooral in voor de groep kansrijke werkzoekenden die nog maar kort in de bijstand zaten. Met als reden dat zij het gemakkelijkst aan het werk zijn te helpen.

Dat is precies wat de commerciële re-integratiebureaus ook doen en waarop zoveel kritiek is. Want deze op snelle resultaten gerichte benadering gaat ten koste van de moeilijkere gevallen die een kostbare inspanning vergen. Juist de kansarme werkzoekenden behoeven veel begeleiding en ondersteuning. Degenen die pas relatief korte tijd werkloos zijn, komen veelal uit zichzelf wel weer aan de bak of hebben slechts geringe hulp nodig. Zij bezorgen het re-integratiecircus de grote winst.

Ruim 4500 Nijmegenaren tot 65 jaar zijn nu nog afhankelijk van een bijstandsuitkering. Zij komen volgens de gemeente minder gemakkelijk aan het werk omdat het aandeel langdurig en oudere werklozen relatief hoog is. Die vallen dus uit de boot. De gemeente richt zich immers vooral op de kansrijke werkzoekenden met wie gemakkelijker te scoren valt. Zo ontstaat gaandeweg een harde kern van uitkeringsgerechtigden die steeds moeilijker aan de slag is te helpen. Deze mensen worden immers elk jaar nóg langduriger werkloos en ouder. Al hoeft dat niet erg te zijn, want vaak zetten zij zich op allerlei manieren zinvol in voor de maatschappij via vrijwilligerswerk of doen zij veel voor hun naasten.

Daarnaast heeft de helft van de mensen in de bijstand hooguit eens per jaar contact met de sociale dienst. Om allerlei redenen zitten zij niet in een begeleidingstraject naar werk, bijvoorbeeld omdat ze de zorg voor kinderen hebben of om gezondheidsredenen. En misschien is dat maar goed ook, gezien de absurd hoge kosten die het doorgaans weinig effectieve re-integratieritueel met zich meebrengt.

Toekomstig succes voor de sociale dienst hangt daarom vooral af van het aantal niet-langdurig werkzoekenden dat snel in al dan niet tijdelijke banen gedrukt kan worden. De aankomende ontslaggolf vanwege de kredietcrisis is voor de sociale dienst daarom wellicht een godsgeschenk.

Planken

 

Webmaster: Joris Teepe