[ vooraf ]
---
Airport Nijmegen
1 reacties
---
Identificatieplicht
---
De montage
---
[ verder ]
---
Column
[Intrigant]

1 reacties
---
Nijmeegse Zaken
---
[ meest gelezen ]
---
Artikel:
Dziga helpt beginnende filmer op weg
Editie: maart 2005

---
Artikel:
Editie: juli 2013

---
Artikel:
Torre en Roos
nog lang niet uitgespeeld

Editie: juli 2013
---
Artikel:
Stalkende politie

Editie: juli 2013
---


--==Na tien jaar Aanmoedigingsprijs==--
Dziga helpt beginnende filmer op weg

Jonge filmers in Nijmegen mogen in hun handjes knijpen. Ellen Kocken biedt hen met Dziga een opstapje naar het witte doek. Reden voor de gemeente om Dziga op 24 maart te belonen met de Alcuinusprijs.

door Job van der Meer

De ruime zolder oogt warm door het zonlicht dat fel door de grote dakramen van Het Arsenaal naar binnen schijnt. Vanachter hun beeldschermen op de in een kring geplaatste werktafels kijken drie gezichten op. Ze groeten en vervolgen hun werkzaamheden. Bij de centrale houten leestafel bladert een medewerker ontspannen in filmmagazines en boeken, terwijl Ellen Kocken weggedoken achter haar bureau een druk telefoongesprek voert. “…waarom moet die oorlog erbij?”, roept ze kritisch. In de ruimte wordt gegiecheld: “Mooie vraag Ellen.”

Blond haar, paars vest en spijkerbroek. Na een ferme handdruk verontschuldigt Kocken zich. “De filmmaker die ik aan de lijn had, ken ik hoor. Mensen die hier voor het eerst komen met filmplannen schrikken soms van kritiek, maar zo'n film moet professioneel worden. We vragen niet alleen subsidie aan voor het eindproduct, ook voor ons aandeel.” Stichting Dziga wil het filmklimaat in Nijmegen verbeteren en biedt daarom sinds 1995 hulp bij het uitdiepen van ideeën voor een film, het monteren en het verwerven van subsidies. Ze verhuurt filmapparatuur en werkt met bekende filmmakers. Door haar goede contacten in de filmwereld lukt het beginnende filmmakers hun product via haar aan de man te brengen.


Ellen Kocken: “Dziga groeit vooral door hard te werken.”
foto: Art Wubben
“Als iemand met een idee komt, kijken we wat haalbaar is”, licht Kocken zakelijk toe. Ze loopt naar een van de twee door tl-buizen verlichte montageruimtes. “Je moet wel wat in je mars hebben. Uiteindelijk moet jij de film maken.” Aan een tafel vol apparaten en snoertjes zit stagiair Alexander Bultsma met een mok thee. Hij zet net vijf korte fictieverhalen van de laatste masterclass op dvd. Ze zijn 12 december al vertoond op het witte doek in LUX, onder de naam Kinoglaz, het film- en videopodium van Dziga. Het schijfje dient ter promotie van de makers. Films die bij Dziga totstandkomen kunnen, als de maker dit wil, worden uitgezonden in Nacht-podium van de VPRO.

“Dziga geeft zo beginnende filmmakers een kans”, vertelt Alexander, terwijl hij naar het beeldscherm wijst. “Deze film van Oscar Verschuur is echt goed. Die komt zeker op het filmfestival.” Na een slokje thee concludeert hij: “Dziga is veelzijdig”.

Soms bezorgt Dziga jonge filmers opdrachten. Zo wilde een bekende van Kocken een film maken over de zwerfjongeren met wie ze werkt. “Mooi dat Alexander dat kon doen”, illustreert Kocken met een knikje. Bedenkelijk kijkend vervolgt ze: “Opdrachten komen vooral van culturele instellingen, die een krap budget hebben. Daardoor kunnen we niet de volledige prijs vragen, want dan blijven de opdrachten uit.” Kocken zucht terwijl ze terugloopt naar de leestafel. “We klagen niet hoor, maar we zijn daardoor wel van subsidie afhankelijk.” De gemeente heeft voor de komende vier jaar 25.000 euro per jaar toegezegd en zorgde eind 2004 voor drie gesubsidieerde banen en het onderkomen in Het Arsenaal.

Op tafel ligt een boek over de inmiddels 77-jarige filmmaker Frans Zwartjes. Hij staat centraal in de Kinoglaz van maart. Volgens Kocken is hij een leermeester voor veel filmers, net als de Rus Dziga Vertov. “Dziga is een van de grondleggers van de documentaire, daarom hebben we onze stichting naar hem vernoemd”, legt ze uit. “Hij keek steeds heel bewust naar wat hij filmde, was kritisch en zorgvuldig, net als wij.”
Stichting Dziga wil het filmklimaat in Nijmegen verbeteren.
foto: Art Wubben

Knokken

De Alcuinusprijs is een aanmoedigingsprijs, terwijl Stichting Dziga al tien jaar bestaat. “Dat klonk mij ook vreemd in de oren”, lacht Kocken. “Je moet het zo zien, dat wij mogen doorgaan terwijl er op de culturele sector wordt bezuinigd.” Er komt een verjaardagsfeest in september waarop Dziga werk vertoont van alle mensen met wie ze werkte. Kocken: “Als ik een ruwe schatting maak, zijn er in die jaren 300 mensen bij ons langs geweest met voorstellen, al kwamen daar niet altijd films uit voort. We wilden een driedaags festival, helaas vergt dat te veel organisatie en geld.” Het wordt nu een hele dag goed knallen in LUX.

Een mengeling van enthousiasme en zorg tekent Kockens gezicht als het over geld gaat. “In het begin was het knokken. Pas na vijf jaar kwamen de subsidies los, maar Dziga groeit vooral door hard te werken.” Begonnen met louter vrijwilligers beschikt Dziga nu over vier vaste krachten en een prachtige ruimte. Wel moet ze alles aanpakken om rond te komen. Het vele werk gaat volgens Kocken soms ten koste van de diepgang: “Om die er toch in te krijgen, werk ik vaak de weekenden door.” Vanachter een computer klinkt plots een lachende stem: “Maar het blijft wel leuk.” Kocken knikt weer enthousiast: “Dat klopt, wat we doen, bevalt ontzettend goed.”

Alcuinusprijs voor Dziga

De Alcuinusprijs is een aanmoedigingsprijs voor kunstenaars en wordt sinds 1968 door de gemeente Nijmegen uitgereikt. Alcuinus, een groot vernieuwer, verspreidde zijn kennis ten tijde van Karel de Grote. Dziga ontvangt de prijs omdat ze het film- en videoklimaat in Nijmegen stimuleert, een speerpunt van de gemeente.
Eerder wonnen de musici Frans van de Putte en Sebastiaan Oosthout (1996), musicus Suzanne van Els (1998), kunstinitiatief Paraplufabriek (2000) en componist Nico Huijbregts (2002) de prijs, die bestaat uit 3500 euro en een oorkonde.


Voor meer informatie zie:
www.dziga.nl

 

Webmaster: Joris Teepe