[ vooraf ]
---
Nieuw Gelders college
---
Persvrijheid
---
[ recensies ]
---
Sappig Nijmegen
---
Oosterse sferen in Nijmegen
---
Rechttoe rechtaan bluesrock
---
[ verder ]
---
|Column|
Intrigant

---
Nijmeegse Zaken
---
Kort en bondig
---
[ cartoon ]
---
Buurtbewoners gaan brainstormen over nieuw kunstwerk Dobbelmanterrein
---
[ meest gelezen ]
---
Artikel:
„Nederland heeft al tien jaar geen milieubeleid”
Editie: mei 2008

---
Artikel:
Nijmegen woongroepstad van Nederland
Editie: juni 2004

---
Artikel:
Niet de Grotestraat maar de Nonnenstraat
Editie: mei 2009

---
Artikel:
Editie: juli 2013

---

--==Landelijk coffeeshopbeleid==--
Lokale politiek verdeeld over no-blowzone

Als het aan de regering ligt, verdwijnen alle coffeeshops binnen een straal van 500 meter rond scholen. Een twijfelachtige en voor Nijmegen zelfs onnodige verscherping van de regels.

door Arnout Drent

Het gemeentelijk beleid wil de coffeeshops zo veel mogelijk in het centrum houden. Dat betekent voor elf shops in het centrum dat ze mogen blijven. Voor de vier in de wijken Bottendaal en Altrade geldt op termijn een ‘uitsterfbeleid’. „Daar mogen geen nieuwe eigenaren in komen.”, aldus de woordvoerder van de gemeente. De gemeente kijkt volgens hem wel naar de mogelijkheden voor een coffeeshop in Dukenburg, zij het niet actief.

Het huidige regeerakkoord bepaalt dat coffeeshops in de buurt van scholen moeten worden gesloten. De ChristenUnie wil zelfs een landelijke richtlijn invoeren waarbij een minimumafstand van 500 meter geldt. Binnen die afstand moeten coffeeshops worden verboden.

In het regeerakkoord is het nog onduidelijk of de zogeheten no-blowzone behalve voor middelbare scholen ook voor basisscholen moet gelden. Wanneer het kabinet alleen middelbare scholen als uitgangspunt neemt, vallen in Nijmegen elf van de vijftien coffeeshops binnen die no-blowzone. De situatie verandert aanzienlijk als het plan ook basisscholen omvat. In dat geval moeten alle coffeeshops sluiten. Dan verandert heel Nijmegen in een verboden gebied voor de vestiging van coffeeshops. Zie hiervoor de illustratie op de voorkant.

Het Stedelijk Gymnasium is een van de middelbare scholen met een coffeeshop dichtbij. Om de hoek, aan de Lange Hezelstraat, zit coffeeshop Dakota. „Maar daar merken we eigenlijk niets van”, zegt rector Ronald van Bruggen. Hij erkent wel degelijk dat onder zijn scholieren wordt geblowd, maar ziet geen direct verband met de nabijheid van Dakota. „Ik heb niet de indruk dat middelbare scholieren hun spul in de coffeeshop halen. Afgezien van de leeftijdsgrens van 18 jaar, kopen ze eerder van klas- of leeftijdsgenoten, mede vanwege een lagere prijs. Ik loop zelf geregeld langs Dakota en zie er nooit leerlingen zitten.”


De no-blowzone voor alleen middelbare scholen.
illustratie: Object Vision.


Klachten van ouders hoort Van Bruggen ook niet. „Als we constateren dat leerlingen blowen, nemen we altijd direct contact op met de ouders. Met hen hebben we een gesprek en dan volgen er eventueel sancties voor de kinderen.” Een groter probleem ziet hij in het tegenovergelegen Kronenburgerpark. „Daar wordt openlijk gedeald. Zolang je daar niets aan doet en wel de coffeeshops wilt aanpakken, is er wat mij betreft sprake van symboolpolitiek.”

Een rondje langs de fractievoorzitters van de vijf grote partijen in Nijmegen maakt duidelijk dat geen van hen bezwaar heeft tegen het fenomeen coffeeshop. Over de wenselijkheid van een coffeeshop in Dukenburg zijn deze partijen het ook eens. Onenigheid is er wel over de vraag of coffeeshops in de nabijheid van scholen mogen bestaan.


Lulverhaal


PvdA-fractievoorzitter Rutger Zwart wil geen coffeeshops in de buurt van kinderen, scholen en woonwijken. Hij vindt dat het gemeentelijk gedoogbeleid wel aangescherpt mag worden. „Er zijn best plekken te vinden die minder overlast geven. Maar in elk geval staan we achter het uitsterfbeleid: als er een sluit komt er geen nieuwe voor terug. Als de aanwezigheid van coffeeshops de overlast vermindert, zijn we op zich niet tegen.”

Het CDA roept al lang om een strenger vestigingsbeleid. „Al ligt het hele softdrugsbeleid wel in een spagaat als aan de voordeur gedoogd wordt, maar levering aan de achterkant is verboden”, licht fractievoorzitter Bloem toe. „Het is goed als er landelijk nu eens duidelijkheid komt.” Het CDA is wel voorstander van een coffeeshop in Dukenburg en legde dat ook vast in zijn partijprogramma.

Peter-Paul Leferink op Reinink, fractievoorzitter van de VVD, vindt het een goed idee om coffeeshops uit de buurt van scholen te houden. „Het voorstel om basisscholen in het plan mee te nemen, is echter een lulverhaal. Die kinderen zijn geen potentiële kopers. Verplaatsing van de coffeeshops naar elders kost ook een vermogen. We kiezen liever voor het uitsterfbeleid. Bovendien baart het alcoholmisbruik onder jongeren me grotere zorgen dan het gebruik van hasj of wiet.”


GroenLinks-fractievoorzitter Miesjel Spruit sluit zich daarbij aan. „De suggestie wordt gewekt dat er een verband is tussen wel of niet blowen en de afstand tussen scholen en coffeeshops. Ik heb navraag gedaan bij de Jellinekkliniek en het Trimbosinstituut, en beiden zeggen dat dit verband niet is aangetoond. De afstandsgrens is dus arbitrair. Voor de volksgezondheid moet je eerder wat doen aan alle snackbars in de buurt van scholen. Het probleem van overgewicht dijt steeds meer uit.”

Hans van Hooft jr, fractievoorzitter van de SP, ziet ook geen reden tot aanscherpen van de regels. „Een redelijke afstand aanhouden is wel wenselijk, maar het is verstandiger kritisch toezicht te houden op de leeftijdsgrens. De kwestie is simpel: als een coffeeshop zich niet aan de regels houdt, moet de tent sluiten. Een stringentere aanpak dan dat is voor Nijmegen overbodig en brengt een hoop kosten met zich mee.”
De coffeeshops in de Vlaamse Gas vallen binnen de 500 meterstraal.
foto: Peter Lams


De overlast door coffeeshops bij basisscholen is moeilijk aantoonbaar. Directeur van de Bottendaalse basisschool De Driemaster Theo van Lankveld vindt de aanwezigheid van drie coffeeshops in de buurt veel. „Maar ik kan niet bewijzen dat de overlast in de vorm van zwerfvuil, waaronder lege wietzakjes, en graffiti van rondhangende jongeren rond de school en in het Thiemepark daar direct het gevolg van is.”

De vijf politieke partijen zijn het er over eens dat met de Opiumwet in de hand goed moet worden gekeken naar de legaliteit van de zogeheten smartshops, waar onder meer paddo’s verkrijgbaar zijn. De dood van een Frans meisje dat in Amsterdam na gebruik van paddo’s van een brug sprong deed de felle discussie ontstaan over de hallucinerende werking ervan. Als deze producten de criteria van de definitie softdrugs doorstaan, willen de partijen de smartshops opnemen in het gevoerde beleid voor coffeeshops. Als het harddrugs zijn, dan moeten de smartshops stoppen met de verkoop daarvan.

 

Webmaster: Joris Teepe